There are no translations available.
Hieronder proberen we te schetsen hoe 'duurzaam' of 'groen' äleluja is. Waar we goed scoren en waar het nog beter kan.
Basisfilosofie
Kledij vervaardigen vergt grondstof en energie. Wij gaan er vanuit dat het dragen van kledij een basisbehoefte is voor de mens. Iedereen moet zich immers kleden. Daarom proberen we kledij te vervaardigen zo duurzaam mogelijk, dit is voor ons een logische keuze van productie, met respect voor mens en leefomgeving. Voor ons is kledij geen wegwerpproduct. Daarom vragen we onze gebruikers om twee keer na te denken voor de aankoop van de shirt en deze te dragen tot hij versleten is.
Grondstof
Brown and Williams hebben een classificatiesysteem opgseteld van mogelijke grondstoffen en hun schadelijke effecten. (Bron = Made-By). 20 grondstoffen worden zo verdeeld over 5 klasses. Van Klasse A (minst schade) tot klasse E (meest schadelijk). Een overzicht:
Klasse A: Gerecycleerd katoen, Gerecycleerd Nylon, Gerecycleerd Polyester, Biologisch geteelde Hennep, Biologisch geteelde Vlas
Klasse B: Tencel (van Lenzing), Biologisch geteelde katoen
Klasse C: Conventioneel geteelde Hennep, PLA, Ramie, Conventioneel geteelde Vlas
Klasse D: Ruwe Polyester, Poly-arylic, Generic Modal
Klasse E: Conventioneel geteelde katoen, Ruwe nylon A, Bamboo Viscose, Wol, Algemeen Viscose
Dit systeem geeft een goed overzicht maar moet natuurlijk ook genuanceerd worden. Dit systeem werd ontwikkeld uitgaande van gegevens wereldwijd.
Uiteraard is het productieproces in China verschillend aan dat van Oostenrijk door vb. lokale wetgeving. De irrigatie kan ook een invloed betekenen. Zo wordt biologisch geteelde katoen geïrrigeerd met regenwater in plaats van leidingwater en verschuift de biologische katoen naar klasse A.
Uiteraard is het productieproces in China verschillend aan dat van Oostenrijk door vb. lokale wetgeving. De irrigatie kan ook een invloed betekenen. Zo wordt biologisch geteelde katoen geïrrigeerd met regenwater in plaats van leidingwater en verschuift de biologische katoen naar klasse A.
Äleluja shirts worden gemaakt uit biologisch katoen. Het katoen wordt geteeld in Turkije en geïrrigeerd met leidingwater. Het behoort dus tot Klasse B, goed maar het kan nog beter. Dit is voor ons een actiepunt om te streven om enkel te werken met grondstoffen van Klasse A. Ook de mogelijkheden van biologisch geteelde hennep worden onderzocht.
Het hele proces van de katoenplant tot een geweven shirt is uiteraard belastend. De katoen moet gewassen worden, behandeld worden, geverfd worden, gesponnen worden en uiteindelijk geweven worden tot een kledingstuk. Dit vergt veel water en energie.
Via de GOTS-certificering proberen we dit zo duurzaam mogelijk te doen. Deze certificiering garandeert immers een biologische, sociaal als leefomgeving respecterende productie, dit van katoenoogst tot afwerking voor het totale product (stof als print).
Via de GOTS-certificering proberen we dit zo duurzaam mogelijk te doen. Deze certificiering garandeert immers een biologische, sociaal als leefomgeving respecterende productie, dit van katoenoogst tot afwerking voor het totale product (stof als print).
Info over dit hele proces vind je op de site van Made-By.
Toch blijft productie van textiel belastend. Na gebruik kan katoen in het beste geval gerecycleerd worden maar ook recyclage is niet steeds de beste oplossing (lees verder in De toekomst). Een verantwoordelijkheid ligt hier ook bij de eindgebruiker of klant en daarom vragen we om de shirts de dragen tot ze versleten zijn.
Info over het verschil tussen gewone (conventionele) katoenteelt en biologisch katoen vind je in deze brochure (engels) opgesteld door Organic Exchange.
Transport
Vermits katoen niet kan worden geteeld in Europa richten we ons tot Turkije. Maar ook India, Zuid-Amerika en Afrika (beperkt) zijn afzetmarkten van katoen. Het katoen voor de äleluja shirts wordt geteeld en verwerkt in Turkije tot het eindproduct. Dan wordt het per boot of vrachtwagen getransporteerd naar Nederland. In Nederland wordt het door ons opgehaald met de wagen (op LPG vanaf midden 2010) en verdeeld over het verkoopsnetwerk (de winkels en de website) via de wagen of de post.
De korste weg wordt dus afgelegd van producent tot eindverbruiker. De weg zou nog kunnen verkort worden als we bijvoorbeeld kiezen om met hennep te werken dat kan worden geteeld en verwerkt in Vlaanderen. Maar dat is momenteel nog niet mogelijk.
De korste weg wordt dus afgelegd van producent tot eindverbruiker. De weg zou nog kunnen verkort worden als we bijvoorbeeld kiezen om met hennep te werken dat kan worden geteeld en verwerkt in Vlaanderen. Maar dat is momenteel nog niet mogelijk.
Achter de schermen
Voor het verzenden van de shirts, besteld via de website, gebruiken we gerecycleerde enveloppen. De stickers zijn vervaardigd uit gerecycleerde PVC. De electriciteit voor ons kantoor is 100% afkomstig uit windenergie (Wase Wind). Voor verplaatsingen wordt in de eerste plaats gekozen voor het openbare vervoer, daarna voor onze wagen die op LPG rijdt. Voor onze bankzaken zullen we in de toekomst mogelijk samenwerken met Tridios bank die 100% ethisch beleggen garandeert.
De toekomst
Inspiratie voor deze paragraaf haalden we uit het boek 'Cradle to Cradle' van Michael Braungart en William McDonough. Dit boek en deze gedachte vinden meer en meer aanvang wereldwijd. Hun visie op de toekomst is inspirerend, positief en visionair.
Hieronder een schets hoe zij de evolutie zien van een oud industriesysteem over een huidig systeem waar het milieudenken reeds ingebakken is (maar waar het productiemodel van 'cradle to grave' nog in stand wordt gehouden) naar een uiteindelijk systeem waar uitsluitend nog intelligente producten worden ontworpen, ontworpen met materialen die we steeds weer kunnen teruggeven aan technische of biologische kringlopen.
Het oude industriesysteem is ontworpen om elk jaar miljarden kilo's giftig materiaal in de lucht, het water en de grond uit te stoten, te leiden tot gigantische hoeveelheden afval, verscheidenheid van soorten en culturele gewoonten uitholt en doet verdwijnen, voorspoed te creëren door natuurlijke hulpbronnen op te graven of om te kappen en vervolgens weer te begraven of te verbranden.
Nu bevinden we ons in een systeem waar het milieudenken aanspoort tot 'beperken, hergebruiken en recycleren', gebasseerd op een gevoel van schuld. We gaan er vanuit dat productie slecht is en dat we 'minder slecht' moeten zijn. Minder slecht zijn wil zeggen dat we de dingen accepteren zoals we zijn, , dat we geloven dat het maken van slecht ontworpen, schandelijke , vernietigende systemen het beste is wat we kunnen doen. Dit is precies het beslissende punt waarop de 'wees minder slecht' -benadering faalt: het falen van ons menselijke voorstellingsvermogen.
Vanuit ons perspectief is dit een deprimerende visie op de rol van de mensheid. Waarom zouden we niet eens gaan denken over een compleet ander model, Hoe zou het zijn om 100 procent goed te zijn? De visie van Braungart en McDonough klinkt provocerend:' we moeten niet minder consumeren, maar juist meer'. Dat kan. Als we ophouden met het maken van minder slechte producten en uitsluitend nog intelligente producten ontwerpen, gemaakt van materialen die we steeds weer kunnen terug geven aan technische of biologische kringlopen.
Informatie over het boek 'Cradle to Cradle' vind je op de site van Epea, een wetenschappelijk instituut en consultancy opgericht door de auteurs van Cradle to Cradle.





